Bij de zogenaamde ‘willekeurige afschrijving’ heeft u meer vrijheid om zelf te bepalen op welk moment u welk deel van de waarde van uw bedrijfsmiddel als kosten opvoert. De restwaarde mag echter niet worden afgeschreven. Willekeurige afschrijving is mogelijk zodra een investeringsverplichting is aangegaan of voortbrengingskosten zijn gemaakt en u onder één van de hierna te noemen regelingen valt. De afschrijving kan echter niet hoger zijn dan het daadwerkelijk betaalde bedrag. De aftrek van de afschrijving kunt u op die manier verplaatsen naar het belastingjaar waarin dit naar verwachting fiscaal gezien — rekening houdend met heffingskortingen en het uiteindelijke belastingtarief — het beste uitkomt. Voor investeringen in 2014 bestaan twee regelingen.

De ‘gewone’ regeling geldt voor startende ondernemers (u bent een startende ondernemer als u in de vijf voorafgaande kalenderjaren maximaal twee keer zelfstandigenaftrek heeft genoten). Meer informatie over de: WASO

Daarnaast is er nog een regeling voor investeringen die het milieu beschermen.
Meer informatie over de: VAMIL

LET OP: Als uw inkomen nul of zelfs negatief is, valt het voordeel van de heffingskortingen weg (sommige heffingskortingen kunt u nog wel benutten als uw fiscaal partner een voldoende hoog inkomen heeft). De willekeurige afschrijving van bedrijfsmiddelen uitsmeren over meerdere belastingjaren verdient in veel gevallen de voorkeur. Zo kunt u alle aftrekposten tegen het hoogst mogelijke IB-tarief aftrekken, terwijl u de heffingskortingen ook maximaal benut.